Afdracht Grondbedrijf 2025: € 4,6 miljoen
De resultaatafdracht van het grondbedrijf aan de algemene dienst over het jaar 2025 bedraagt € 4,6 miljoen. Dit is conform de afspraak bij de programmabegroting 2026 voor de betaling van de vennootschapsbelasting over het jaar 2025.
Actualisatie grondportefeuille 2026
De grondportefeuille van Almere omvat 20 complexen met bouwgrond in exploitatie (12 winstgevend, 6 verlieslatend en 2 neutraal) met per saldo een eindwaarde van € 373 miljoen positief (winst). De boekwaarde bedraagt € 381 miljoen negatief (meer kosten dan opbrengsten). De nog te realiseren kosten van deze complexen bedragen € 644 miljoen, de nog te realiseren opbrengsten € 1.397 miljoen en het risicoprofiel bedraagt € 310 miljoen. De complexen hebben gevarieerde doorlooptijden met maximaal 10 jaar.
Het beeld van de actualisatie is dat de residuele grondopbrengsten licht zijn gestegen ten opzichte van het MPGA 2025. De kostenkant van de grondexploitaties, met name de plankosten, is toegenomen door onder andere stijgende lonen. Door netcongestie en de discussie rondom verdozing is de afzet bij bedrijventerreinen verder getemporiseerd. Tenslotte is het risicoprofiel van de grondexploitaties is licht gedaald door afzet van programma in 2025.
Verder bestaat de grondportefeuille ook uit 9 complexen met niet in exploitatie genomen bouwgronden. Op de balans worden ze gerubriceerd onder Materiële Vaste Activa (MVA). De gezamenlijke boekwaarde van de MVA-gronden bedraagt € 63 miljoen (na aftrek van € 60 miljoen voorziening waardecorrectie).
We werken aan 8 projecten in de voorbereidende fase. Deze projecten bevatten circa 3.000 woningen. Voor deze projecten worden op termijn langs reguliere weg een ontwikkelingsplan plus grondexploitatie ter besluitvorming aan de raad aangeboden.
Daarnaast zijn er zo’n 36 lopende particuliere projecten met circa 5.000 woningen in voorbereiding, Dat resulteert op termijn in anterieure overeenkomsten met de particuliere initiatiefnemers voor de medewerking van de gemeente het verhaal van kosten.
Omgaan met risico's
In Almere bestaat het totaal risicoprofiel van de grondexploitaties uit twee delen: Marktrisico’s/macro-economische risico’s en project specifiek risico’s. Het kenmerk van de eerste categorie risico’s is dat ze invloed hebben op alle grondexploitaties. Daarom wordt deze risico dan ook op overstijgend niveau in beeld gebracht. Bij de tweede categorie zijn risico’s specifiek gericht zijn op een bepaald gebied/grondexploitatie. In totaal hebben de complexen een risicoprofiel van € 310 miljoen.
Omdat de markt voor woningbouw en bedrijfshuisvesting onvoorspelbaar is, wordt door middel van scenario’s inzichtelijk gemaakt wat het mogelijke financiële effect van een economische crisis is, en in welke mate die effecten binnen het weerstandsvermogen van het grondbedrijf kunnen worden opgevangen.
Het realistisch scenario is het uitgangspunt voor het MPGA. Verder zijn drie scenario’s opgesteld: een voorzichtig scenario en twee crisis-scenario’s (met name gericht op de mogelijk impact van een economische crisis). In de grondexploitaties wordt het realistische scenario doorgerekend. Het voorzichtige scenario wordt gebruikt om in het weerstandvermogen de marktrisico’s af te dekken. De twee crisis-scenario’s zijn gebruikt om te bepalen in hoeverre het grondbedrijf met het beschikbare weerstandsvermogen een crisis kan doorkomen zonder een beroep te hoeven doen op de algemene dienst. De doorrekeningen laten zien dat de reserveringen binnen het grondbedrijf op dit moment onvoldoende zijn om de financiële gevolgen van de twee crisis-scenario’s op te vangen. Omdat we het gezien de huidige marktomstandigheden onwaarschijnlijk achten dat deze crisisscenario’s zich voordoen vinden wij het vooralsnog niet noodzakelijk hier extra buffers voor opzij te zetten.
Omdat er grote onzekerheid bestaat wanneer de netcongestie problematiek wordt opgelost, hebben wij hiernaast een scenario uitgewerkt die nog meer vertraging in gronduitgiften laten zien. Voor de financiële gevolgen daarvan hebben we een extra buffer in het harde weerstandsvermogen opgenomen.
Ontwikkeling van het weerstandsvermogen
Onderstaand worden de begrote mutaties voor het gerealiseerde vermogen en het nog te verdienen vermogen van de grondexploitaties getoond ten opzichte van de Programmabegroting 2026.
Gerealiseerd vermogen / harde buffer van het weerstandsvermogen
De hiervoor beschreven uitgangspunten en veranderingen in de markt hebben effect gehad op het gerealiseerd vermogen van het grondbedrijf. In de Programmabegroting 2026 zijn deze voor het effect op het weerstandsvermogen reeds in belangrijke mate doorgerekend. In dit MPGA worden de belangrijkste ontwikkelingen op het weerstandsvermogen in het hoofdstuk overzicht grondportefeuille toegelicht.
bedragen x € 1 miljoen
| PB 2026 | PR 2025 |
|---|---|---|
Stand 31-12-2024 (gebaseerd op programmarekening 2024) | 91,9 | 91,9 |
Diverse mutaties | 12,9 | 25,2 |
Subtotaal stand reserve | 104,8 | 117,1 |
Bestemmingen | -108,7 | -115,8 |
Direct beschikbaar vermogen | -3,9 | 1,3 |
Afdracht voor te betalen vennootschapsbelasting | -4,6 | -4,6 |
Vrij beschikbaar vermogen (-/-=tijdelijk tekort) | -8,5 | -3,3 |
Nog te verdienen vermogen / zachte buffer van het weerstandsvermogen
De op termijn te verdienen zachte buffer bedraagt € 449 miljoen op eindwaarde. De buffer is voldoende om de hierna genoemde bedragen voor het risicokapitaal van € 290 miljoen en markt- en macro-economische risico’s van € 46 miljoen en de te betalen Vennootschapsbelasting van € 25 miljoen af te dekken.
bedragen x € 1 miljoen
| PB 2026 | PR 2025 |
|---|---|---|
Stand nog te realiseren vermogen 01-01-2024 | 450,1 | 449,2 |
Eerder vastgestelde bestemmingen | -35,1 | -35,1 |
Op termijn beschikbaar voor risico’s en afdrachten | 415,0 | 414,1 |
Aftrek risico’s en algemene kosten | ||
Specifieke risico’s in positieve grexen | -307,2 | -289,8 |
Markt- en macro economische risico’s | -45,7 | -46,0 |
Reserve te betalen vennootschapsbelasting | -29,0 | -25,0 |
Subtotaal op termijn beschikbaar/zachte buffer | 33,1 | 53,3 |
